Prestaties basisonderwijs

Prestaties basisonderwijs

De Drentse Onderwijsmonitor verzamelt al sinds een aantal jaren informatie over prestaties van kinderen op de basisscholen. Hiervoor leveren bijna alle Drentse basisscholen resultaten van toetsen van het leerlingenvolgsysteem aan. Hiermee krijgen we een mooi inzicht hoe de Drentse kinderen het doen op rekenen en taal. In vergelijking met hun landelijke klasgenootjes zijn de Drentse resultaten heel goed te noemen! We kijken in dit onderdeel naar enkele van deze toetsprestaties. Ook kun je informatie krijgen over de beoordeling van de Drentse scholen door de Inspectie van het Onderwijs: de zogenaamde toezicht arrangementen voor zwakke en zeer zwakke scholen.

Taal en rekenen in het basisonderwijs

We bekijken hier hoe de prestaties van Drentse kinderen zijn op toetsen voor taal en rekenen. We presenteren de resultaten van toetsen van het leerlingvolgsysteem (Cito, Leerlingenvolgsysteem LVS), die op de basisscholen in een aantal groepen worden afgenomen. Deze toetsen geven een beeld van het reken- en taalniveau van Drentse leerlingen in vergelijking met landelijke normgegevens. De gegevens zijn opgevraagd bij de Drentse basisscholen. De toetsen die we bekijken zijn die voor spelling, technisch lezen, begrijpend lezen en rekenen en wiskunde, in de groepen 4, 6, 7 en 8.

In het kort

  • 93% van de Drentse basisscholen heeft meegedaan aan de gegevenslevering voor de Drentse onderwijsmonitor.
  • Technisch lezen: in groepen 6, 7 en 8 ruim boven de landelijke norm, groep 8 spant de kroon. Wel zijn de scores lager dan vorig jaar.
  • In groep 4 worden bij het technisch lezen de hoogste niveaus minder vaak gehaald dan de landelijke norm.
  • Op begrijpend lezen wordt alleen in groep 4 nog wat vaker op de hoogste niveaus (I en II) gescoord dan landelijk. In de overige groepen doen de Drentse leerlingen het minder goed. Groep 6 scoort beduidend lager.
  • Het begrijpend lezen wordt minder goed gedaan dan eerdere jaren.
  • Drentse groep 6 leerlingen met spelling vaker in de gevarenzone dan landelijk. In groep 8 zijn de prestaties daarentegen weer bovengemiddeld.
  • Op rekenen en wiskunde scoren Drentse leerlingen nog steeds boven het landelijke niveau, maar minder dan eerdere jaren.
  • De scores op taal en rekenen verschillen behoorlijk wanneer de gemeentelijke gemiddelden worden vergeleken.

 

Drentse leerlingen scoren minder goed op taal en rekenen dan eerdere jaren

Al jaren levert ruim 90% van de Drentse basisscholen toets gegevens van het leerlingvolgsysteem aan voor de Drentse Onderwijsmonitor. In 2019 is de deelname 93% (evenals in 2018).

In de visualisatie kan via de tabbladen gekozen worden voor de resultaten van de Drentse leerlingen op ‘technisch lezen’, ‘begrijpend lezen’, ‘spelling’ of ‘rekenen en wiskunde’. Ook kan gekozen worden van welke groep de resultaten te zien zijn.

In de figuren is telkens te zien welk percentage kinderen binnen elk niveau I tot en met V scoort, waarbij I het hoogste niveau is en V het laagste niveau is. De I tot en met V is gebaseerd op de landelijke norm, zoals in het laatste balkje weergegeven:

  • niveau I:  20% hoogst scorende leerlingen
  • niveau II: 20% leerlingen met scores boven het landelijk gemiddelde
  • niveau III: 20% leerlingen met scores rond het landelijk gemiddelde
  • niveau IV: 20% leerlingen met scores onder het landelijk gemiddelde
  • niveau V: 20% laagst scorende leerlingen.

We zien bij technisch lezen dat in groepen 6, 7 en 8 (ruim) boven de norm gescoord wordt, maar in iets mindere mate dan eerdere jaren. In groep 4 blijven de resultaten dit jaar wat achter. Er zijn minder leerlingen die op de hoogste niveaus I en II scoren. Dit is een verslechtering ten opzichte van vorig jaar.

Voor begrijpend lezen in groep 4 vallen de scores iets beter uit dan de landelijke norm. In groep 6 zien we een verslechtering, er zitten minder leerlingen op het hoogste niveau dan landelijk (respectievelijk 13% en 19%). In groep 7 gaat het iets beter, maar pas in groep 8 scoren de leerlingen weer conform de landelijke niveaus. Net als bij technisch lezen geldt dat de scores in 2019 lager zijn dan in 2018. Vooral in groep 8 is het verschil met vorige jaren groot.

De scores op spelling zijn in groep 6 iets minder vaak dan landelijk op de hoogste niveaus I en II. Ook zien we 25% van de leerlingen scoren op het laagste niveau V (landelijk is dit 20%). In de hogere groepen wordt deze achterstand ruimschoots ingehaald. In groep 8 scoort 50% van de Drentse leerlingen op niveau I of II tegen landelijk 40%.

Bij rekenen en wiskunde zien we dat de Drentse leerlingen vaker dan landelijk scoren binnen de hoogste niveaus I en II. Dit geldt in meer of mindere mate voor alle groepen. Eerdere jaren zaten de Drentse leerlingen nog veel hoger, maar het verschil met de landelijke klasgenoten is minder groot geworden.

De verschillen per gemeente

In de onderstaande visualisatie zijn de toets scores als gestandaardiseerde score in de kaart voor elke gemeente weergegeven (zie de infobutton voor de uitleg over standaardscores). Er kan via de tabbladen gekozen worden voor een toets en voor elke toets kan gekozen worden voor welke groep de scores te zien zijn.

Bij het technisch lezen zien we in groep 4 dat overal op of rond de landelijke norm gescoord wordt.  In groep 6 en 7 valt het lage gemiddelde in Borger-Odoorn op. In groep 7 komt daar ook de lage score in Aa en Hunze bij. In groep 8 is alles weer keurig op of (ruim) boven het landelijk gemiddelde.

Bij begrijpend lezen zien we in groep 4 dat de meeste gemeenten op of rond het gemiddelde zitten. Aa en Hunze, Tynaarlo, Westerveld en Assen zitten daar wat boven. In groep 6 zit alleen Tynaarlo nog boven de landelijke norm en zien we de laagste score in Coevorden. In groep 7 komen naast Coevorden ook Borger-Odoorn en Emmen bij de lagere scores, terwijl Meppel en De Wolden zich bij Tynaarlo voegen met een score boven het landelijk gemiddelde. In groep 8 staan Tynaarlo en De Wolden bovenaan.

Bij spelling gaat het in alle gemeenten prima in groep 4. Groep 6 laat wat opvallende resultaten zien, alleen in Westerveld wordt nog hoger dan de norm gescoord. Noordenveld zit in vergelijking met de andere gemeenten laag. In groep 7 is de situatie al behoorlijk verbeterd. In groep 8 zijn de standaardscores veel hoger dan in de andere groepen, maar Assen blijft hier achter.

Bij rekenen en wiskunde is in groep 4 de score in Emmen net tegen de grens. In groep 6 wordt in meer gemeenten net beneden de 50 gescoord. In groep 7 is alleen Borger-Odoorn in de gevarenzone. In groep 8 is dat Assen.

In de tweede visualisatie kan worden opgezocht per vak en groep of de gemeentelijke gemiddelde score zich verbeterd heeft ten opzichte van het voorafgaande jaar. We zien in 2019 eigenlijk overal dat er lager gescoord wordt dan eerdere jaren.

Jongens scoren hoger op rekenen, meisjes op begrijpend lezen en spelling

Jongens en meisjes verschillen veelal in hun cognitieve ontwikkeling en dit heeft invloed op prestaties tijdens de schoolloopbaan. We kijken hier naar de verschillen tussen jongens en meisjes in hun toets prestaties op taal en rekenen in het basisonderwijs.

In het kort

  • Jongens scoren in alle groepen hoger op rekenen dan meisjes.
  • Meisjes scoren in alle groepen hoger op begrijpend lezen dan jongens.
  • Jongens doen het op begrijpend lezen in bijna alle groepen iets minder goed dan het landelijk gemiddelde. Bij meisjes is dat voor rekenen het geval.
  • Bij technisch lezen is het verschil in score tussen jongens en meisjes in groepen 4, 6 en 7 niet significant. In groep 8 wel en scoren meisjes hoger.
  • Bij de spelling toetsen zien we betere prestaties bij de meisjes dan bij de jongens.

 

Jongens scoren hoger op rekenen, meisjes op begrijpend lezen en spelling

In de onderstaande visualisatie is telkens per vak en per toets te zien wat de scores voor jongens en meisjes zijn. We vergelijken hier de gemiddelde standaardscores per vak voor alle groepen en apart per groep.

Bij rekenen zien we gemiddeld over alle groepen een score van 52 voor jongens en 49 voor meisjes. Dit verschil is statistisch significant. Jongens scoren dus hoger op rekenen dan meisjes. Wanneer we de scores in de afzonderlijke groepen bekijken zien we hetzelfde patroon.

Als we kijken naar begrijpend lezen (tweede tabblad), dan is te zien dat gemiddeld over alle groepen de meisjes (significant) hoger scoren dan jongens. Ook wanneer we de scores in de groepen afzonderlijk bekijken doen de meisjes het beter op begrijpend lezen. We zien ook dat jongens beneden de landelijke norm (score 50) zitten (met uitzondering van jongens in groep 4).

Bij technisch lezen doen jongens niet onder voor meisjes en wordt er conform de landelijke resultaten gescoord. In groep 8 zijn de meisjes wel significant beter dan de jongens. Ook scoren de meisjes in groep 8 aanzienlijk hoger dan landelijk. Ook jongens scoren boven het landelijk gemiddelde.

Bij spelling is de gemiddelde score over alle groepen samen en in elke groep afzonderlijk voor meisjes significant hoger dan voor jongens. De Drentse jongens zitten in groepen 6 en 7 zelfs iets beneden de landelijke norm.

Referentieniveaus in groep 8

Voor verschillende momenten in de schoolloopbaan is vastgesteld wat leerlingen moeten kennen en kunnen. De niveaus waarop ze op een bepaald moment moeten voldoen worden fundamentele (F) niveaus genoemd. Daarnaast zijn er streefniveaus (S) voor leerlingen die meer aankunnen.

Met het maken van de eindtoets in groep 8 wordt duidelijk welk niveau een leerling heeft behaald voor taal en rekenen. Het streven is dat alle leerlingen de basisschool verlaten op het fundamentele niveau voor primair onderwijs (1F). Voor lees- en taalvaardigheid worden de volgende niveaus gehanteerd: <1F (dat wil zeggen; het fundamentele niveau 1F niet behaald), 1F en 2F. Voor de rekenvaardigheden worden de volgende niveaus onderscheiden: <1F, 1F, 1S en 2F. Welk niveau voor taal en rekenen hebben Drentse basisschoolleerlingen in vergelijking met leerlingen in heel Nederland? En zien we verschillen per Drentse gemeente waar de school gevestigd is?

In het kort

  • 98% van de Drentse leerlingen behaalt minimaal het vereiste niveau voor leesvaardigheid. Drenthe doet hierin niet onder voor de rest van Nederland.
  • Het aandeel Drentse leerlingen dat minimaal het vereiste niveau op taalvaardigheid bereikt is 97% en daarmee gelijk aan het landelijke aandeel.
  • 93% van de Drentse leerlingen behaalt minimaal het vereiste niveau voor rekenen. Dit is gelijk aan het landelijke percentage.
  • Sinds schooljaar 2015-2016 neemt het aandeel leerlingen dat bij leesvaardigheid en taal boven het vereiste 1F-niveau uitkomt toe.

 

Vrijwel alle Drentse leerlingen behalen aan het eind van de basisschool het vereiste fundamentele niveau voor leesvaardigheid

Onderstaande visualisatie, onder het tabblad ‘leesvaardigheid’, laat zien dat de Drentse leerlingen in 98% van de gevallen minimaal het vereiste 1F-niveau halen. Het vorige schooljaar was dit percentage hetzelfde. Het beeld in Drenthe is vergelijkbaar met het landelijke. Zowel in Drenthe als landelijk behaalt ongeveer 2% het vereiste niveau niet. Een aantal jaren geleden waren er relatief meer kinderen die het fundamentele niveau niet haalden. In 2015-2016 ging het nog om 6% en een jaar later ging het om 4%.

Vereiste fundamentele niveau taalvaardigheid steeds vaker behaald

97% van de Drentse jongeren behaalde in schooljaar 2018-2019 het minimaal vereiste niveau op taalvaardigheid. Vorig jaar was dit aandeel ongeveer hetzelfde. In 2015-2016 behaalde nog 6% het vereiste 1F-niveau niet.

Bij rekenen wordt minder vaak boven het vereiste referentieniveau gescoord dan vorig jaar

Vergeleken met vorig jaar behalen evenveel Drentse leerlingen minimaal het vereiste niveau op rekenen. Net als landelijk scoort 93% op of boven het vereiste niveau. Wel behalen minder leerlingen een hoger (streef)niveau dan vorig jaar.

In 2015-2016 behaalde een fors aandeel van de Drentse leerlingen het fundamentele rekenniveau niet (16% behaalde < 1F-niveau). Het ging hierbij niet om een typisch Drents verschijnsel, ook landelijk was het aandeel beneden niveau 1F hoog (13%). De Inspectie van het Onderwijs rapporteerde in De staat van het onderwijs 2015-2016 dat er een vermindering in de rekenvaardigheden van Nederlandse basisschoolleerlingen te zien was, waarbij Nederland zelfs daalde op de internationale lijst van rekenprestaties. Het jaar daarop zien we echter al een behoorlijke verbetering. Toch behaalt in 2018-2019 nog 6% het vereiste niveau niet.

De gemeenten vergeleken

In de visualisatie hieronder is per gemeente te zien welk deel van de leerlingen het vereiste niveau 1F niet haalt. Er kan gekozen worden voor het schooljaar en het vak waarvan de resultaten te zien zijn.

Voor leesvaardigheid varieert het aandeel leerlingen dat het vereiste niveau niet haalt van 1% tot 3%. Een aantal jaren geleden waren de verschillen tussen gemeenten groter. Meppel, Westerveld, Coevorden en Emmen laten een behoorlijke verbetering zien ten opzichte van eerdere jaren.

Voor taalvaardigheid zijn de verschillen tussen gemeenten iets groter. Coevorden heeft nog de meeste leerlingen die onder 1F-niveau van de basisschool komen.

Voor rekenvaardigheid zijn de verschillen tussen gemeenten nog het grootst. We zien een vooruitgang vergeleken met 2015-2016. In dat jaar haalde in sommige gemeenten meer dan een kwart van de leerlingen het vereiste 1F-niveau niet. De gemeente Westerveld laat een opvallende tendens zien: van gemeente met de meeste leerlingen die onder het vereiste niveau bleven tot gemeente met het kleinste percentage leerlingen dat het niveau 1F niet haalt.

Referentieniveaus naar schoolweging

Bij het maken van de eindtoets in groep 8 krijgt een leerling een schooladvies en wordt ook duidelijk welk niveau voor taal en rekenen is behaald. Het streven is dat alle kinderen aan het eind van de basisschool niveau 1F halen voor taal en rekenen. Hoeveel kinderen in Drenthe dat lukt, of niet, lees je in het onderdeel Referentieniveaus in groep 8.

Wat mag je van een school verwachten als het gaat om het taal- en rekenniveau van leerlingen? Vanaf schooljaar 2020-2021 beoordeelt de Inspectie van het Onderwijs scholen op referentiescores voor taal en rekenen (zie de handreiking referentieniveaus, PDF, 7 pagina’s). De Inspectie houdt bij haar beoordeling rekening met de achtergrond van de leerlingen. Van een school met een minder complexe leerlingenpopulatie wordt een hoger taal- en rekenniveau verwacht dan van een school met een complexe leerlingenpopulatie. Hoe complex de leerlingenpopulatie op een school is, wordt aangegeven met een schoolweging.

In het kort

  • Op 10% van de basisscholen in Drenthe halen te weinig leerlingen het streefniveau (1S/2F) voor taal en rekenen aan het eind van de basisschool. Het gaat om 24 scholen.
  • Op 55% van de Drentse basisscholen halen meer leerlingen het streefniveau (1S/2F) voor taal en rekenen dan gemiddeld in Nederland.
  • Op 2% van de basisscholen in Drenthe halen te weinig leerlingen het fundamentele 1F-niveau voor taal en rekenen. Het gaat om 5 scholen.

 

Schoolscores berekend aan de hand van rekenmethode Inspectie van het Onderwijs

In bovenstaande puntenwolk is voor alle basisscholen in Drenthe weergegeven wat hun schoolweging is (horizontale as) en het percentage leerlingen dat voor taal en rekenen een referentieniveau van minimaal 1F (de blauwe stippen) en minimaal 1S/2F (de rode stippen) haalt. De percentages leerlingen die referentieniveau 1F en 1S/2F halen zijn gemiddelden. De scores voor lees-, taal- en rekenvaardigheid zijn samengevat in één percentage. Dit percentage is berekend als gemiddelde over de schooljaren 2017-2018 en 2018-2019. Hierbij is de rekenmethode van de Inspectie van het Onderwijs gebruikt.

De Inspectie kijkt met ingang van 2020-2021 naar gemiddelde scores over drie jaren. Trendbureau Drenthe analyseerde de gegevens van twee schooljaren (2017-2018 en 2018-2019). Alleen scholen waarvan voor beide schooljaren gegevens bekend waren, zijn meegenomen in de analyse. Over schooljaar 2019-2020 zijn nog geen gegevens beschikbaar.

Er zijn grote verschillen tussen scholen met dezelfde schoolweging (deze scholen zijn vergelijkbaar). Ook zijn er scholen met een hogere schoolweging, die beter presteren dan scholen met een lagere schoolweging.

Van iedere school in Nederland wordt verwacht dat minimaal 85% van de leerlingen het taal- en rekenniveau 1F haalt (de dunne blauwe lijn). Dit is een ondergrens, ook wel signaleringswaarde genoemd, en zeker geen ambitieniveau.

Het percentage leerlingen dat op een hoger niveau zou moeten presteren (minimaal 1S voor rekenen en 2F voor taal- en leesvaardigheid), hangt af van de achtergrond van de leerlingen (de schoolweging). Hoe complexer de leerlingenpopulatie (hoe hoger de schoolweging) hoe lager de verwachting dat leerlingen het hogere 1S/2F-niveau halen. Zo moet op een school met schoolweging 20 ongeveer 67% van de leerlingen niveau 1S/2F halen. Voor een school met weging 39 is de lat minder hoog gelegd; circa 30% moet het hogere niveau bereiken. Deze signaleringswaarden zijn ook hier weer ondergrenzen en geen ambitieniveaus (de dunne rode lijn). Gemiddeld is op de Nederlandse basisscholen het aandeel leerlingen dat minimaal 1F haalt (de dikke blauwe lijn) of minimaal 1S/2F (de dikke rode lijn), hoger dan de gestelde ondergrenzen (signaleringswaarden).

10% van de Drentse scholen blijft onder de Inspectienorm: te weinig leerlingen halen streefniveau 1S/2F voor taal en rekenen

Op 5 scholen in Drenthe (2%) hebben te weinig leerlingen voldoende basisvaardigheden taal en rekenen geleerd (niveau 1F of hoger voor taal en rekenen). Ook weten niet alle scholen voldoende leerlingen op een iets hoger taal- en rekenniveau te brengen. Het gaat dan om 24 scholen (10%).

Als scholen op de referentiescores voor taal en rekenen niet aan de Inspectienorm voldoen, betekent dit niet dat deze scholen een eindoordeel ‘zeer zwak’ of ‘onvoldoende’ krijgen. Daar is meer voor nodig. De Inspectie kijkt bijvoorbeeld ook naar de kwaliteitszorg, schooladviezen, het niveau in het voortgezet onderwijs na drie jaar, de veiligheidsbeleving, hoe leerlingen zich voelen, verandering van schoolgrootte en financiën.

Er zijn wel verschillen per gemeente. Zo halen in Noordenveld alle scholen de gestelde norm voor het streefniveau voor taal en rekenen. In Borger-Odoorn haalt bijna één op de vijf scholen deze norm niet.

Iets meer dan de helft van de scholen weet evenveel of meer leerlingen dan gemiddeld naar het hogere streefniveau voor taal en rekenen te brengen

Iets meer dan de helft van de Drentse scholen (55%) steekt er met kop en schouders boven uit. Zij hebben meer leerlingen dan gemiddeld in Nederland die het hogere streefniveau (1S/2F) halen. Dit zijn de scholen die op of boven de dikke rode lijn te vinden zijn. Ook hier zien we grote verschillen per gemeente. In Midden-Drenthe scoort 89% van de scholen minimaal even hoog als het landelijk gemiddelde. In Noordenveld is dat 87%. De gemeenten Meppel (43%), Assen (44%) en Coevorden (48%) sluiten de rij. Minder dan de helft van de scholen uit deze gemeenten scoort op de landelijke norm of hoger.

Oordeel Inspectie van het Onderwijs

Scholen zijn zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van het onderwijs. De Inspectie van het Onderwijs houdt toezicht op de kwaliteit en de manier waarop er met verstrekte overheidsmiddelen wordt omgegaan. Vóór augustus 2017 werden de ‘toezicht arrangementen’ toegedeeld, na deze datum is er een Vernieuwd Toezicht.

De oordelen over de kwaliteitszorg en het financiële beheer die gegeven worden zijn:

  • Goed
  • Voldoende (voorheen basistoezicht)
  • Onvoldoende of Zwak
  • Zeer zwak
  • Geen oordeel/ Geen samenvattend oordeel/ Zonder actueel oordeel

Elke vier jaar doet de inspectie een bestuur onderzoek. Hierbij bezoekt de inspectie een selectie van scholen van het bestuur, waarbij in bepaalde gevallen een eindoordeel wordt toegekend. De scholen van het bestuur waarbij alleen enkele standaarden ter verificatie worden onderzocht en scholen die niet worden bezocht, krijgen tijdens het vierjaarlijks onderzoek bestuur en scholen geen nieuw eindoordeel.

Een school wordt als zeer zwak beoordeeld als deze niet het onderwijs biedt waar leerlingen recht op hebben. Een aantal jaren achtereen waren er in Drenthe zeer zwakke scholen (4 in 2014, 2 in 2015, 2 in 2016). In 2017 en 2018 waren er geen zwakke scholen meer. Op de meest recente peildatum (september 2019) echter zijn er weer vijf zeer zwakke scholen in Drenthe. We kijken hier naar de Inspectie oordelen die momenteel gelden voor de Drentse basisscholen.

In het kort

  • 62% van de Drentse basisscholen krijgt de beoordeling ‘voldoende’.
  • Op peildatum 1 september 2019 zijn er vijf zeer zwakke scholen in Drenthe.
  • Er zijn op peildatum 1 september 2019 vier zwakke scholen in Drenthe.

 

Eind 2019 vijf zeer zwakke scholen in Drenthe

In de visualisatie is te zien dat op peildatum 1 september 2019 62% van de Drentse basisscholen het oordeel voldoende heeft ontvangen van de Inspectie van het Onderwijs. Dat is minder dan het jaar ervoor vanwege het hogere aantal dat geen actueel oordeel heeft. Onder het tweede tabblad is voor elke Drentse gemeente te zien hoe het inspectieoordeel is over de daar gevestigde scholen. Er zijn op de peildatum 1 september 2019 vijf zeer zwakke scholen in Drenthe (in Emmen en Hoogeveen). In april 2019 waren dit nog 2 en in september 208 waren er geen zeer zwakke scholen. De lijst met zwakke scholen is dynamisch. Voor een actueel overzicht verwijzen we je naar de website van de Inspectie van het Onderwijs (overzicht zeer zwakke scholen). Er zijn in september 2019 vier basisscholen met de beoordeling ‘onvoldoende’ (zwakke scholen). Deze staan in Aa en Hunze, Coevorden en Hoogeveen.

Medewerker

Imke Oosting

Onderzoeker

Delen via social media

Delen via social media

Betrokken medewerkers

Imke Oosting

Onderzoeker

Jessy Snip

Onderzoeker

Meer weten?

Neem contact op met één van de betrokken medewerkers

Gerelateerd nieuws

Laaggeletterdheid

Hoe goed begrijpen senioren in Noord-Nederland medische informatie?

Zorg

Zelfredzame senioren in Noord-Nederland, nu en in de toekomst

Leefbaarheid

Groot leefbaarheidsonderzoek in Drenthe , Groningen en Friesland

Half oktober 2020 ontvangen 15.000 inwoners in Noord-Nederland een vragenlijst over hoe zij de leefbaarheid in hun dorp of wijk ervaren. De vragenlijst wordt voorgelegd aan de burgerpanels in Drenthe, Groningen en Friesland. De uitkomsten van het onderzoek helpen beleidsmakers van provincies en gemeenten om beter in te kunnen spelen op de behoeften

Corona

Vervolgonderzoek naar gevolgen coronacrisis voor inwoners van Drenthe en Groningen

Dit voorjaar deden Trendbureau Drenthe en Sociaal Planbureau Groningen onderzoek naar de gevolgen van de coronacrisis voor inwoners in de provincies Drenthe en Groningen. Omdat het coronavirus ook de komende periode nog een grote invloed zal hebben op het dagelijks leven, krijgt dit onderzoek een vervolg. In november 2020 wordt een tweede vragenli

Regiegroep Onderwijskwaliteit Drenthe

Replay webinar Drentse Onderwijsdag 2020

Datum woensdag 7 oktober 2020 (replay) Tijdstip 15.00 uur – 17.00 uur   Vereniging van Drentse Gemeenten, provincie Drenthe en de Regiegroep Drentse Onderwijskwaliteit nodigen u uit voor een webinar met het thema “Onderwijs – Zorg – Jeugd”. Op 30 september was de live uitzending van het online webinar van de

Publicaties

Bereikbaarheid & voorzieningen

Publicatie Maatschappelijke effecten als gevolg van financiële tekorten bij Drentse gemeenten

Laaggeletterdheid

Monitoronderzoek naar de aanpak van laaggeletterdheid in Drenthe - Vervolgmeting Resultaten 2019

Laaggeletterdheid

Factsheet netwerk rond en werving van NT-1 doelgroepen in Drenthe