Referentieniveaus naar schoolweging

Bij het maken van de eindtoets in groep 8 krijgt een leerling een schooladvies en wordt ook duidelijk welk niveau voor taal en rekenen is behaald. Het streven is dat alle kinderen aan het eind van de basisschool niveau 1F halen voor taal en rekenen. Hoeveel kinderen in Drenthe dat lukt, of niet, lees je in het onderdeel Referentieniveaus in groep 8

Wat mag je van een school verwachten als het gaat om het taal- en rekenniveau van leerlingen? Vanaf schooljaar 2020-2021 beoordeelt de Inspectie van het Onderwijs scholen op referentiescores voor taal en rekenen (zie de handreiking referentieniveaus, PDF, 7 pagina’s). De Inspectie houdt bij haar beoordeling rekening met de achtergrond van de leerlingen. Van een school met een minder complexe leerlingenpopulatie wordt een hoger taal- en rekenniveau verwacht dan van een school met een complexe leerlingenpopulatie. Hoe complex de leerlingenpopulatie op een school is, wordt aangegeven met een schoolweging.
 

In het kort

  • Op 10% van de basisscholen in Drenthe halen te weinig leerlingen het streefniveau (1S/2F) voor taal en rekenen aan het eind van de basisschool. Het gaat om 24 scholen.
  • Op 55% van de Drentse basisscholen halen meer leerlingen het streefniveau (1S/2F) voor taal en rekenen dan gemiddeld in Nederland.
  • Op 2% van de basisscholen in Drenthe halen te weinig leerlingen het fundamentele 1F-niveau voor taal en rekenen. Het gaat om 5 scholen.
Klik op onderstaande afbeelding voor een interactieve versie

Schoolscores berekend aan de hand van rekenmethode Inspectie van het Onderwijs

In bovenstaande puntenwolk is voor alle basisscholen in Drenthe weergegeven wat hun schoolweging is (horizontale as) en het percentage leerlingen dat voor taal en rekenen een referentieniveau van minimaal 1F (de blauwe stippen) en minimaal 1S/2F (de rode stippen) haalt. De percentages leerlingen die referentieniveau 1F en 1S/2F halen zijn gemiddelden. De scores voor lees-, taal- en rekenvaardigheid zijn samengevat in één percentage. Dit percentage is berekend als gemiddelde over de schooljaren 2017-2018 en 2018-2019. Hierbij is de rekenmethode van de Inspectie van het Onderwijs gebruikt.

De Inspectie kijkt met ingang van 2020-2021 naar gemiddelde scores over drie jaren. Trendbureau Drenthe analyseerde de gegevens van twee schooljaren (2017-2018 en 2018-2019). Alleen scholen waarvan voor beide schooljaren gegevens bekend waren, zijn meegenomen in de analyse. Over schooljaar 2019-2020 zijn nog geen gegevens beschikbaar.

Er zijn grote verschillen tussen scholen met dezelfde schoolweging (deze scholen zijn vergelijkbaar). Ook zijn er scholen met een hogere schoolweging, die beter presteren dan scholen met een lagere schoolweging.

Van iedere school in Nederland wordt verwacht dat minimaal 85% van de leerlingen het taal- en rekenniveau 1F haalt (de dunne blauwe lijn). Dit is een ondergrens, ook wel signaleringswaarde genoemd, en zeker geen ambitieniveau.

Het percentage leerlingen dat op een hoger niveau zou moeten presteren (minimaal 1S voor rekenen en 2F voor taal- en leesvaardigheid), hangt af van de achtergrond van de leerlingen (de schoolweging). Hoe complexer de leerlingenpopulatie (hoe hoger de schoolweging) hoe lager de verwachting dat leerlingen het hogere 1S/2F-niveau halen. Zo moet op een school met schoolweging 20 ongeveer 67% van de leerlingen niveau 1S/2F halen. Voor een school met weging 39 is de lat minder hoog gelegd; circa 30% moet het hogere niveau bereiken. Deze signaleringswaarden zijn ook hier weer ondergrenzen en geen ambitieniveaus (de dunne rode lijn). Gemiddeld is op de Nederlandse basisscholen het aandeel leerlingen dat minimaal 1F haalt (de dikke blauwe lijn) of minimaal 1S/2F (de dikke rode lijn), hoger dan de gestelde ondergrenzen (signaleringswaarden).

10% van de Drentse scholen blijft onder de Inspectienorm: te weinig leerlingen halen streefniveau 1S/2F voor taal en rekenen

Op 5 scholen in Drenthe (2%) hebben te weinig leerlingen voldoende basisvaardigheden taal en rekenen geleerd (niveau 1F of hoger voor taal en rekenen). Ook weten niet alle scholen voldoende leerlingen op een iets hoger taal- en rekenniveau te brengen. Het gaat dan om 24 scholen (10%).

Als scholen op de referentiescores voor taal en rekenen niet aan de Inspectienorm voldoen, betekent dit niet dat deze scholen een eindoordeel ‘zeer zwak’ of ‘onvoldoende’ krijgen. Daar is meer voor nodig. De Inspectie kijkt bijvoorbeeld ook naar de kwaliteitszorg, schooladviezen, het niveau in het voortgezet onderwijs na drie jaar, de veiligheidsbeleving, hoe leerlingen zich voelen, verandering van schoolgrootte en financiën.

Er zijn wel verschillen per gemeente. Zo halen in Noordenveld alle scholen de gestelde norm voor het streefniveau voor taal en rekenen. In Borger-Odoorn haalt bijna één op de vijf scholen deze norm niet.

Iets meer dan de helft van de scholen weet evenveel of meer leerlingen dan gemiddeld naar het hogere streefniveau voor taal en rekenen te brengen

Iets meer dan de helft van de Drentse scholen (55%) steekt er met kop en schouders boven uit. Zij hebben meer leerlingen dan gemiddeld in Nederland die het hogere streefniveau (1S/2F) halen. Dit zijn de scholen die op of boven de dikke rode lijn te vinden zijn. Ook hier zien we grote verschillen per gemeente. In Midden-Drenthe scoort 89% van de scholen minimaal even hoog als het landelijk gemiddelde. In Noordenveld is dat 87%. De gemeenten Meppel (43%), Assen (44%) en Coevorden (48%) sluiten de rij. Minder dan de helft van de scholen uit deze gemeenten scoort op de landelijke norm of hoger.

gerelateerd

medewerkers