Stad of platteland? Dat maakt voor de woontevredenheid in Drenthe niet uit

24 juni 2020

Eind april, na ruim 4 weken leven in coronatijd, was 93% van de Drenten blij met de eigen woning en woonomstandigheden. Evenveel inwoners gaven aan voldoende privacy en ruimte voor zichzelf te hebben. 8% van de ondervraagden geeft aan dat de wens om te verhuizen in de eerste maand van de lockdown is toegenomen. Hierbij zijn geen verschillen tussen Drenten die op het platteland of in de stad wonen. Dat blijkt uit onderzoek onder het Drents Panel, dat Trendbureau Drenthe in april 2020 uitvoerde.

In tijden van corona, is het makkelijker vertoeven op plekken met meer (woon)ruimte, zoals het platteland. Volgens een indeling van het Sociaal Cultureel Planbureau woont in Drenthe maar liefst 70% van de inwoners op het platteland. De tevredenheid over de woning en woonomgeving en de ruimte die men voor zichzelf heeft, is medio april even groot onder panelleden uit de stad als van het platteland:

  • 93% van het Drents Panel is blij met de eigen woning/ woonomstandigheden.
  • 92% geeft aan voldoende privacy (ruimte voor zichzelf) te hebben
  • 8% van de panelleden geeft aan dat de wens om te verhuizen in de eerste 4 weken van de coronacrisis is toegenomen. Dit zijn voor het overgrote deel Drenten die niet tevreden zijn met hun eigen woning en woonomgeving.

Dat de tevredenheid over de woonruimte even groot is in de stad als op het platteland laat zich misschien voor een deel verklaren doordat het ook in Drentse steden nog relatief ruim wonen is. Zo is, volgens het CBS, de gemiddelde woonoppervlakte per persoon in Nederland 65m² en in Amsterdam 49m². In Assen daarentegen hebben inwoners gemiddeld 70m² woonoppervlakte. Een Drents panellid woonachtig in een stedelijke omgeving zegt hierover: “Blij dat we lekker ruim wonen. Dit kan natuurlijk goed in Drenthe.”

Meer waardering voor het platteland

Meer dan de helft van het Drents Panel (54%) verwacht dat er ook op langere termijn meer waardering zal zijn voor wonen op het platteland. Drentse panelleden die zelf op het  platteland wonen, geloven vaker in een blijvend effect op het imago van wonen op het platteland. Maar liefst 63% verwacht dat hier ook op langere termijn meer waardering voor is. Onder panelleden die in een stadse omgeving wonen is dit percentage een stuk lager: 48%.

Met het oplopen van de leeftijd neemt ook de verwachting toe dat de positieve waardering voor het platteland blijvend is. Zo denkt 39% van de 18-34 jarigen dat wonen op het platteland aantrekkelijker is geworden en dat ook op langere termijn blijft, tegenover 68% van de 75-plussers. Of meer waardering voor wonen op het platteland ook meer mensen zal trekken valt nog niet te zeggen. De één juicht het toe, de ander is wat minder enthousiast:

 “Ai ai als die stedelingen nu maar niet en masse naar Drenthe komen….”

Pluspunten: meer waardering voor woonsituatie, meer tijd om thuis door te brengen, te klussen en op te ruimen

We vroegen ook naar de belangrijkste positieve effecten van de coronacrisis die men zelf  heeft ervaren als het gaat om wonen. Zowel in de stad als op het platteland hebben inwoners meer waardering gekregen voor de woonsituatie en ruimte die men heeft, is er meer tijd om te klussen en op te ruimen en meer tijd om thuis door te brengen.

“Ondanks de ruimte zijn we als gezin binnen ons huis dichter tot elkaar gekomen.”