Inkomensgrenzen

Inkomensgrenzen

In onderzoek en beleid worden verschillende criteria gebruikt om te bepalen wie in aanmerking komen voor toeslagen of kwijtscheldingen. De keuze voor een bepaald criterium is van invloed op het aantal minimahuishoudens. Dit illustreren we aan de hand van de meest recente inkomenscijfers (uit 2024) over de provincie Drenthe.

 

Laatst bijgewerkt op: 14 mei 2026

Inwoners rond het sociaal minimum

De meeste gemeenten gebruiken voor de toekenning van hun regelingen 120% van het sociaal minimum. In de provincie Drenthe leeft 7,6% van de inwoners van een inkomen tot 120% van het sociaal minimum. Dit gaat in totaal om bijna 37.000 inwoners. In Nederland ligt dit aandeel hoger (8,5%). Het aandeel inwoners met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum is het hoogst in de gemeente Emmen (9,6%, oftewel zo’n 10.100 inwoners) en het laagst in de gemeente Tynaarlo (5,0%, oftewel zo’n 1.700 inwoners).

Een andere veelgebruikte grens voor de toekenning van minimaregelingen is 130% van het sociaal minimum. In de provincie Drenthe leeft 9,5% van de inwoners van een inkomen onder 130% van het sociaal minimum. Dit gaat in totaal om bijna 46.000 inwoners. In Nederland ligt dit percentage hoger (10,3%). Het aandeel inwoners met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum is ook het hoogst in de gemeente Emmen (12,0%, oftewel zo’n 12.600 inwoners) en het laagst (6,3%) in de gemeenten De Wolden (zo’n 2.100 inwoners) en Westerveld (zo’n 1.500 inwoners).

Een verhoging van de inkomensgrens van 120% naar 130% van het sociaal minimum zorgt voor een stijging van 25% in de omvang van de doelgroep. Dit staat gelijk aan een toename van ongeveer 9.000 mensen in de provincie Drenthe.

Het aandeel huishoudens onder en rond het sociaal minimum is redelijk stabiel. Dit komt doordat het sociaal minimum regelmatig aangepast wordt op basis van economische ontwikkelingen in de maatschappij. Het sociaal minimum is dan ook niet geschikt om armoedeproblematiek over de tijd te volgen. Een verhoging van het sociaal minimum zorgt per definitie voor een toename van het aantal huishoudens onder deze inkomensgrens. Hierdoor lijkt de armoedeproblematiek toe te nemen, terwijl de inkomens van huishoudens niet lager zijn geworden. Lees hierover meer op de pagina Toelichting inkomensgrenzen.

Inwoners rond de armoedegrens

In de provincie Drenthe leeft in 2024 2,3% van de inwoners onder de nieuwe armoedegrens. Als we echter kijken naar het aandeel inwoners waarvoor geldt dat het inkomen lager is dan 110% van de nieuwe armoedegrens zien we dat dit aandeel een stuk groter wordt, namelijk 4,4%. Ook zien we dat in de hele provincie zo’n 5.000 inwoners leven van een inkomen van 80% van de nieuwe armoedegrens. Zij komen dus maandelijks flink geld tekort.

Naast de inwoners die in armoede leven definieert het CBS ook een groep ‘bijna-armen’. Deze inwoners hebben een vermogensbuffer onder de nieuwe armoedegrens en een inkomen dat lager is dan 125% van de nieuwe armoedegrens. In tien van de twaalf Drentse gemeenten is het aandeel ‘bijna-armen’ lager dan of gelijk aan het landelijk gemiddelde. Alleen in de gemeenten Emmen (7,6%) en Assen (6,9%) ligt dit wat hoger.

Voor heel Nederland geldt dat in totaal 9,6% van alle inwoners arm of ‘bijna-arm’ is. Dit percentage ligt wat lager in de provincie Drenthe, namelijk op 8,1% (= 2,3% onder de nieuwe armoedegrens + 5,8% ‘bijna-arm’).

Moeite met rondkomen

Wanneer we kijken naar de ervaren armoede, zien we dat het aandeel inwoners dat moeite heeft om rond te komen hoger ligt dan het aandeel huishoudens met een inkomen onder de nieuwe armoedegrens. In 2024 gaf 11,5% van de Drentse huishoudens aan moeite te hebben met rondkomen. Ter vergelijking: 2,3% van de Drenten leeft in 2024 onder de nieuwe armoedegrens. Het aandeel huishoudens dat moeite heeft om rond te komen is het hoogst in de gemeente Emmen (14,9%) en het laagst in de gemeenten Borger-Odoorn (7,1%) en Aa en Hunze (7,4%). In heel Nederland geeft 13,3% van de huishoudens aan moeite te hebben met rondkomen.

Het aandeel huishoudens dat moeite heeft met rondkomen is afgenomen ten opzichte van 2022. In 2022 gaf 15,6% van de Drentse huishoudens nog aan moeite te hebben met rondkomen; landelijk gold dit voor 18,8% van alle huishoudens.

Deze cijfers zijn gebaseerd op de Gezondheidsmonitor van de GGD’en, het CBS en het RIVM. Hierin werden inwoners gevraagd of zij in de afgelopen 12 maanden enige of grote moeite hebben gehad met rondkomen.

 

Medewerker

Jessy Snip

Onderzoeker

Betrokken medewerkers

Meer weten?

Neem contact op met één van de betrokken medewerkers

Gerelateerd nieuws

Armoede

Voedselbossen dragen bij aan natuur én verbinding in Drenthe

Armoede

Generatiearmoede en trauma beter begrijpen én doorbreken

Armoede

Armoedemonitor Drenthe bijgewerkt

De cijfers in de armoedemonitor zijn vernieuwd op basis van de meest recente cijfers van het CBS (2024). Tussen 2023 en 2024 zien we voor het eerst sinds een aantal jaren weer een toename van het aandeel inwoners in armoede. Deze stijging zien we zowel landelijk als provinciaal. Het CBS geeft aan dat deze stijging met name veroorzaakt werd door h

Armoede

Drenthe en Groningen subsidiëren meerjarig praktijkonderzoek naar trauma en generatiearmoede

Wat is de relatie tussen trauma en generatiearmoede? Met subsidie van de Provincie Drenthe en de Provincie Groningen starten Trendbureau Drenthe en Sociaal Planbureau Groningen een meerjarig praktijkonderzoek naar deze vraag. Beide provincies stellen ieder € 38.000 beschikbaar. Het onderzoek loopt tot en met 2027 en richt zich o

Armoede

Veel jongeren herkennen schulden niet – en dat baart zorgen

Uit recent onderzoek onder ongeveer 800 middelbare scholieren in Drenthe en Groningen, uitgevoerd door Trendbureau Drenthe en  Sociaal Planbureau Groningen in samenwerking met Stichting Spaarkracht, blijkt dat veel jongeren een gebrekkig beeld hebben van wat schulden precies zijn. Slechts 4 op de 10 scholieren ziet een lening bij een bank of bedri

Publicaties

Brede Welvaart

Maatschappelijke waarde Drentse Voedselbossen

Armoede

Verschillen in inkomensondersteuning tussen en binnen Drentse gemeenten

Armoede

Feitenblad Armoede en schulden, gemeente Westerveld 2023