Samenleving

Samenleving

Een sterke sociale samenhang is essentieel voor een goed functionerende samenleving en draagt bij aan brede welvaart. Sociale samenhang heeft betrekking op hoe men zich ten opzichte van elkaar gedraagt en hoe men meedoet in de samenleving (CBS, 2015). Het gaat daarbij niet alleen om de relaties tussen mensen onderling, maar ook om het vertrouwen in maatschappelijke instituties, zoals de overheid en het rechtssysteem.

Goede sociale contacten versterken de verbondenheid en bieden een vangnet in moeilijke tijden, terwijl vertrouwen in instituties belangrijk is voor actieve deelname aan de samenleving. Het is daarbij belangrijk dat iedereen gelijke kansen heeft om mee te doen. Een sterke sociale samenhang bevordert positieve ontwikkelingen op het gebied van veiligheid, leefbaarheid, gezondheid, welzijn en economische welvaart (SCP, 2024).

Laatst bijgewerkt op: 12 mei 2025

In het kort

  • Drenten zijn over het algemeen tevreden met hun sociale leven en de sociale samenhang in de buurt waar zij wonen. Inwoners hebben vertrouwen in elkaar en kijken naar elkaar om in de wijk.
  • Ruim de helft van de Drenten is actief in verenigingen en/of doet vrijwilligerswerk. Het aantal vrijwilligers is na de coronapandemie weer hersteld tot het niveau van daarvoor.
  • Zowel onder jongeren als volwassenen neemt de eenzaamheid de laatste jaren toe: bijna de helft van de Drenten voelt zich eenzaam, ongeveer één op de negen voelt zich sterk eenzaam
  • Veel Drenten voelen zich niet gehoord door de landelijke politiek. Driekwart van de inwoners vindt dat Drenthe te weinig aandacht krijgt in de landelijke politiek.
  • In Drenthe geeft 14% van de inwoners mantelzorg, al loopt dit binnen de Drentse gemeenten sterk uiteen. De meeste mantelzorgers zijn tussen de 50 en 75 jaar, terwijl ouderen boven de 85 jaar de meeste zorg nodig hebben.

Zeven op de tien Drenten heeft minimaal wekelijks contact met anderen

Sociaal contact is belangrijk voor het welzijn van mensen. Mensen zijn gelukkiger en tevredener als ze regelmatig contact hebben met familie, vrienden, buren en goede kennissen. Sociale contacten dragen bij aan het geluk van mensen en kunnen hulp en ondersteuning bieden bij gezondheidsproblemen. Het aandeel Drenten dat in 2023 minimaal één keer in de week contact heeft met familie, vrienden of kennissen ligt op 70%, dat is vergelijkbaar met het landelijk gemiddelde (71%).

Tussen 2013 en 2023 is het aandeel mensen dat wekelijks één contactmoment of meer heeft met familie, vrienden of buren in Drenthe gedaald van 75% naar 70%. Deze dalende trend, die ook landelijk zichtbaar is, zette tijdens en ook na de coronapandemie in dezelfde lijn door.

In de gemeenten Borger-Odoorn en Midden-Drenthe ligt het aantal mensen dat in ieder geval één keer per week contact heeft met familie, vrienden of buren het laagst, in Coevorden ligt dit het hoogst.[1]

[1] Voor de gemeente Westerveld is voor deze indicator geen data beschikbaar.

Meeste Drenten tevreden over sociale contacten, aantal groepen scoren lager

Het is niet alleen belangrijk hoe vaak mensen contact met elkaar hebben, maar ook de kwaliteit van dit contact is van belang.

In 2023 is 82% van de Drenten tevreden met hun sociale leven. Drenthe staat daarmee op de tweede plek van alle provincies. Landelijk is gemiddeld 80% tevreden met het sociale leven. Het Drents Panel is in 2024 ook gevraagd naar de tevredenheid over hun sociale contacten. Daaruit blijkt eveneens dat de meeste Drenten tevreden zijn met hun contacten met familie, vrienden en kennissen. Drenten geven hiervoor gemiddeld een rapportcijfer van 7,9. Dit is een stijging ten opzicht van 2020, toen gaf men gemiddeld nog een 7,4. Slechts 4% van de panelleden geeft zijn/haar sociale contacten een onvoldoende (een 5 of lager). Verdiepende analyses laten wel zien dat een aantal subgroepen lager scoren. Zo geven niet-werkenden een lager cijfer aan hun sociale contacten dan werkenden of gepensioneerden. Ook mensen met een laag inkomen en huurders geven een relatief lager cijfer aan hun sociale contacten. De laagste cijfers werden gegeven door Drenten die minder tevreden zijn over de eigen mobiliteit.

Sociale samenhang in woonbuurt sterk

Leden van het Drents Panel geven gemiddeld een rapportcijfer van 7,5 aan hoe tevreden zij zijn over hoe mensen in de buurt of wijk met elkaar omgaan. Een aantal subgroepen scoren duidelijk lager op sociale samenhang en buurtbinding. Zo geven niet-werkenden een lager cijfer aan hun sociale contacten (tussen de 6,5 en 7,5) dan werkenden of gepensioneerden (7,9 en 8,0).

Dat Drenten over het algemeen positief staan tegenover de sociale samenhang in hun woonbuurt blijk ook uit een aantal stellingen die we het Drents Panel hebben voorgelegd. Ruim acht op de tien Drenten voelt zich thuis in hun eigen buurt en ruim driekwart (77%) is het er (helemaal) mee eens dat men op een prettige manier met elkaar omgaat. 60% (stad) en 77% (platteland) zegt dat buren elkaar helpen als dat nodig is.

In de basis zien we dat mensen positiever zijn over hun sociale contacten als zij zich meer thuis voelen in hun dorp of wijk.

Drenten voelen zich eenzamer, maar minder dan Nederlanders

Eenzaamheid wordt gedefinieerd als het subjectieve ervaren van een onplezierig of ontoelaatbaar gemis aan (kwaliteit van) bepaalde relaties.

Van alle volwassen Drenten voelt 46% zich in 2022 in enige mate eenzaam, dit ligt iets onder het landelijk gemiddelde (49%). In 2016 lag het percentage lager, namelijk op 41% en in 2020 op 40%. Voor 11% van de Drenten geldt dat zij zich (zeer) ernstig eenzaam voelen. Ook hier geldt dat dit iets onder het landelijk gemiddelde ligt (14%).

Mensen die minder dan één keer per week contact hebben met zowel hun familie, vrienden als buren, zijn vaker sterk eenzaam (27%) dan mensen die minstens wekelijks contact hebben (10%). Alleenstaande ouders voelen zich het vaakst sterk eenzaam, ongeveer 20% van hen ervaarde in 2022 sterke eenzaamheid.

Binnen Drenthe zien we dat in de gemeenten Assen en Emmen de meeste mensen eenzaam zijn. In de gemeente Tynaarlo is men het minst eenzaam.

Eenzaamheid onder jongeren blijft hoog

Veel jongeren in Nederland voelen zich eenzaam. In Nederland voelt 1 op de 3 jongeren en jongvolwassenen zich enigszins eenzaam, 1 op de 10 voelt zich sterk eenzaam.

In Drenthe voelt 30% van de jongeren zich soms tot altijd eenzaam in de afgelopen maand. Meisjes (38%) voelen zich vaker eenzaam dan jongens (27%), en jongeren van 15 tot en met 18 jaar hebben hier vaker mee te maken (39%) dan jongeren van 12 tot en met 14 jaar (28%).

De coronapandemie had veel invloed op de ervaren eenzaamheid onder jongeren. Met name de emotionele eenzaamheid (het missen van een hechte band) nam door de coronacrisis duidelijk toe onder jongeren, van 8% in 2019 naar 14% in 2021 (CBS statline, 2023). Er is na de coronaperiode nog geen verbetering te zien. In 2023 (14%) ervaren nog altijd meer jongeren tussen 12 en 25 jaar emotionele eenzaamheid dan in 2019. Ook ligt dit aandeel hoger dan voor alle oudere leeftijdsgroepen.

Vertrouwen in elkaar op Nederlands niveau

Sociaal vertrouwen (het vertrouwen in de medemens) is belangrijk om prettig te kunnen leven. Onderling vertrouwen is immers een belangrijke bouwsteen voor sociale cohesie in de samenleving.

Van de inwoners van 15 jaar en ouder geeft 68% van de Drenten aan dat de meeste mensen te vertrouwen zijn, dit ligt in lijn met het Nederlands gemiddelde (67%). Het sociaal vertrouwen in Nederland is de laatste jaren vrij stabiel. Wel ziet het Sociaal Cultureel Planbureau dat er achter het landelijk gemiddelde flinke verschillen tussen groepen schuil gaan. De grootste verschillen tussen mensen zijn die naar opleiding. Zo hebben mensen met een basis- of vmbo-opleiding vaak minder vertrouwen in anderen dan degenen met een hbo- of wo-opleiding (47% tegenover 84%).

De mate van sociaal vertrouwen hangt ook samen met het wel of niet hebben van  een migratieachtergrond. Mensen met een Turkse of Marokkaanse migratieachtergrond hebben minder vaak vertrouwen in anderen. Dit kan te maken hebben met discriminatie en maatschappelijke uitsluiting die deze groep ervaart. Vooral de tweede generatie migranten die een hbo- of wo-opleiding hebben, ervaren dit.

Vertrouwen in landelijke instituties blijft lager dan gemiddeld

Vertrouwen in maatschappelijke instellingen en de overheid is belangrijk voor het functioneren van de samenleving. In 2023 had 61% van de Nederlanders vertrouwen in de Tweede Kamer, politie en rechters (percentage is een gemiddelde van de drie genoemde instituten). In Drenthe ligt het vertrouwen in instituties met 59% onder het landelijk gemiddelde.

Inwoners van de gemeente Tynaarlo hebben het meeste vertrouwen in instituties (65%), inwoners van Emmen het minst (55%).

In Nederland varieert institutioneel vertrouwen tussen verschillende groepen in de samenleving. Over het algemeen geldt dat mensen die het goed hebben meer vertrouwen hebben in instituties. Dat heeft te maken met factoren zoals opleidingsniveau, maar ook met andere persoonskenmerken, aangezien bijvoorbeeld opleiding en leeftijd vaak met elkaar samenhangen.

Zorgen over toenemende polarisatie en verharding in samenleving

Ondanks dat het vertrouwen in de medemens op het hoogste niveau van de afgelopen 10 jaar ligt, maken mensen zich al geruime tijd zorgen over de manier waarop we samenleven in Nederland. Veel mensen in Nederland ervaren namelijk een duidelijke toename van de polarisatie in de samenleving. Men ervaart dit zowel in de fysieke als in de online wereld: men is minder bereid om naar elkaar te luisteren, er is een verharding van de omgangsvormen en er is volgens mensen (toenemende) onverdraagzaamheid voor elkaars mening. Dit beeld zien we niet alleen landelijk, maar ook in Drenthe.

Vier op de vijf Drenten hebben het gevoel dat de polarisatie in de samenleving is toegenomen. Volgens Drenten is polarisatie vooral het gevolg van groeiende onverdraagzaamheid, die vooral zichtbaar is in de – sociale en traditionele – media. Ook zien zij dit terug in uitingen van politici. Debatten worden gekenmerkt door vijandigheid en het uitvergroten van verschillen in plaats van het zoeken naar overeen­komsten.

Daarnaast wijzen Drenten op toegenomen individualisme, afnemend ‘naoberschap’ en grote maatschappelijke opgaven, zoals de wooncrisis, klimaat- en immigratievraagstuk­ken, als factoren die bijdragen aan de groeiende polarisatie. Een kwart van de Drenten geeft daarbij aan dat ze mensen uit de weg gaan vanwege de standpunten die de ander heeft. Vier op de tien Drenten voelt zich ook minder veilig door de polarisatie.

Drenten voelen zich beperkt vertegenwoordigd door de politiek

Het vertrouwen in de landelijke politiek ligt lager in gebieden buiten de Randstad. Ook een peiling onder het Drents Panel in 2023 laat zien dat veel Drenten zich niet gehoord voelen door de landelijke politiek. Er zijn zorgen over de afstand van de politiek tot de samenleving, waardoor het gevoel heerst dat politiek Den Haag niet weet wat er speelt in de regio. Voorbeelden hiervan zijn de intergenerationele armoede in de Veenkoloniën, de moeizame erkenning en afhandeling van de aardbevingsschade door de gaswinning in Groningen en Noord-Drenthe en de groeiende kloof wat betreft ontwikkelkansen en publieke voorzieningen tussen perifere krimpgebieden in het Noorden en de dynamische gebieden elders in het land.

Daarnaast versterken landelijke kwesties, zoals de kindertoeslagenaffaire en de asielcrisis, het idee van een overheid die te ver weg staat van de lokale realiteit. Driekwart van de inwoners vindt dat Drenthe te weinig aandacht krijgt in de landelijke politiek. Slechts 4% van de volwassenen Drenten is van mening dat de Nederlandse regering weet wat er leeft in Drenthe.

Meer vertrouwen in lokale overheid

Naast het vertrouwen in landelijke instituties is het belangrijk om regionaal te kijken naar het vertrouwen in provinciaal en gemeentelijke bestuur. Het lokaal bestuur heeft immers een grote mate van invloed op de directe leefomgeving van inwoners.

Onderzoek door Gronings Perspectief onder het Drents Panel (2024) laat zien dat Drenten over het algemeen meer vertrouwen hebben in het lokale en regionale bestuur dan in de Rijksoverheid. 60% van de Drenten heeft een beetje of (heel) veel vertrouwen in de Rijksoverheid, 80% in de provincie Drenthe en 78% in de eigen gemeente.

Ruim de helft van de Drenten doet vrijwilligerswerk

Vrijwilligerswerk is een belangrijk onderdeel van de Nederlandse samenleving. Talloze verenigingen en organisaties zijn afhankelijk van de inzet van vrijwilligers. Denk bijvoorbeeld aan activiteiten op scholen, sportverenigingen, bij kerken, zorginstellingen, of muziek- en buurtverenigingen.

In 2023 deed iets meer dan de helft van de Drenten van 15 jaar en ouder vrijwilligerswerk (53%). Dit is meer dan het landelijk gemiddelde (49%) en hiermee staat Drenthe op een derde plek, na de provincies Friesland en Overijssel.

In de gemeenten Assen en Emmen is het percentage vrijwilligers het laagst. De vrijwilligersgraad is het hoogst in de gemeente De Wolden.

We zien dat er ten opzichte van 2021 – toen veel vrijwilligerswerk door het uitbreken van het coronavirus en de maatregelen daartegen niet mogelijk was – weer een duidelijke groei zichtbaar is in het percentage vrijwilligers. Dat is een aanwijzing dat de coronapandemie geen blijvend negatief effect heeft op de inzet van vrijwilligers. Ongeveer de helft van de Drenten die nu niet actief zijn, overweegt dit wel voor in de toekomst (Trendbureau Drenthe, 2023).

Drenten doen meer in verenigingsverband dan gemiddeld in Nederland

Naast het doen van vrijwilligerswerk toont ook de betrokkenheid bij een vereniging de mate van onderlinge verbondenheid in een gemeenschap. Dit kan op verschillende manieren; door een passief lidmaatschap bij een vereniging of door zelf actief te zijn binnen een vereniging.

In Nederland geeft 43% van de 15-plussers in 2023 aan dat ze minstens één keer per maand actief zijn in verenigingsverband. Het Drents Panel laat zien dat circa 55% van de volwassen Drenten minstens één keer per maand deelneemt aan activiteiten van verenigingen. Met name in Tynaarlo, Noordenveld en Westerveld ligt het percentage hoog.

Hbo-/wo-opgeleiden en 65-plussers nemen relatief het vaakst deel aan activiteiten van verenigingen, niet-werkenden het minst vaak. Maatschappelijke participatie hangt ook samen met een gevoel van verbondenheid tussen mensen; mensen die (zeer) tevreden zijn met hun sociale contacten zijn vaker lid van een vereniging.

Ruim één op de zeven volwassen Drenten is mantelzorger

Mantelzorgers geven onbetaalde en vaak langdurige zorg aan naasten als deze persoon voor langere tijd ziek, hulpbehoevend of gehandicapt is. De mantelzorg kan bestaan uit het huishouden doen, wassen en aankleden, gezelschap houden, vervoer of bijvoorbeeld geldzaken regelen.

Landelijk geeft 13% van de volwassenen mantelzorg, gemiddeld voor 11,8 uur per week. In Drenthe ligt dit hoger, met 14% en gemiddeld 13 uur per week.

Over het algemeen verlenen met name oudere inwoners mantelzorg. Vaak is dit aan hun partner, ouder(s) of andere naasten met wie zij een persoonlijke band hebben.

Overheidsbeleid zet al jaren in op de ondersteuning van mantelzorgers om overbelasting te voorkomen. Een groot deel van de mantelzorgers in Drenthe geeft aan de mantelzorgtaken goed vol te kunnen houden. Toch geeft ook 17% (zeer) zwaar of overbelast te zijn door mantelzorgtaken, blijkt uit het Drents panel (2021).

Meer ouderen en minder mantelzorgers in de nabije toekomst

Nederland, en ook Drenthe, heeft te maken met (dubbele) vergrijzing. De omvangrijke babyboomgeneratie bereikt vanaf 2025 de leeftijd van 80-plus. Als gevolg daarvan wordt een toenemende zorgvraag verwacht, en zal de druk op de formele, maar zeker ook de informele zorg, toenemen. De verwachting is dat ook in Drenthe de leeftijdsgroep van 85 jaar en ouder de komende jaren sterk zal groeien en dat de leeftijdsgroep 50 tot 75 jaar afneemt. Dit betekent dat de druk op mantelzorgers toeneemt.

In 2020 waren er in Drenthe nog gemiddeld 13 potentiële mantelzorgers per zorgbehoeftige oudere. In 2030 is dat aantal naar verwachting gedaald naar 10 en in 2050 naar 5. De afname van het aantal potentiële mantelzorgers heeft voor de nabije toekomst als gevolg dat het Drentse zorglandschap zich moet voorbereiden op tekorten in zowel de formele zorg als de informele zorg. Formele en informele zorg kunnen elkaar in de toekomst maar in beperkte mate vervangen.

Meer informatie en inzichten

Meer weten over de samenleving in de provincie Drenthe? Bekijk of download hier de Monitor Brede Welvaart Drenthe 2024 (PDF) voor meer informatie en inzichten, zoals bijvoorbeeld de uitdagingen met betrekking tot het versterken van de brede welvaart in Drenthe.

 

Verantwoording indicatoren

In de regionale Monitor Brede Welvaart (rMBW) van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) wordt het thema Samenleving in beeld gebracht aan de hand van vijf indicatoren:

  • Contact met familie, vrienden of buren;
  • Tevredenheid met sociaal leven;
  • Vertrouwen in instituties;
  • Vertrouwen in mensen onderling;
  • Het aandeel inwoners dat vrijwilligerswerk doet.

In de Monitor Brede Welvaart Drenthe vullen we deze indicatoren aan met regionale inzichten die iets zeggen over de mate waarin mensen deelnemen aan het maatschappelijk leven. We geven extra informatie over eenzaamheid, buurtbinding, politieke betrokkenheid en mantelzorg.

Medewerker

Simone Barends

Adviseur/Onderzoeker

Gerelateerd nieuws

Brede Welvaart

'Morgen maken we nu!' – dé serious game over brede welvaart

Brede Welvaart

Waarom blijven mensen wonen waar ze wonen?

Brede Welvaart

De Staat van Groningen & Noord-Drenthe: jaarlijkse update voor de regio

Hoe staat Groningen en Noord-Drenthe ervoor? De Staat van Groningen & Noord-Drenthe (SvGND) verschijnt vanaf 2025 elk jaar. Met de SvGND brengt een onafhankelijk consortium, bestaande uit KPlusV, SEO Economisch Onderzoek, Aletta Advies en Trendbureau Drenthe & Sociaal Planbureau Groningen, beide onderdeel van CMO STAMM, in opdracht van het

Brede Welvaart

Brede welvaart in Drenthe: hoge leefkwaliteit, maar stevige uitdagingen voor de toekomst

Recent publiceerde CBS de jaarlijkse update van de regionale Monitor Brede Welvaart (rMBW). De kern: de brede welvaart is lager in steden en uithoeken van Nederland. Naast stedelijke gebieden geldt dit sinds 2020 ook voor het oosten van Drenthe en Groningen, het midden en zuiden van Limburg, en Zeeuws-Vlaanderen en het westen van Noord-Brabant. In

Brede Welvaart

Drenten met gaswinningsschade ervaren meer stressklachten en minder vertrouwen, ondanks groeiend veiligheidsgevoel

De impact van de gaswinningsproblematiek stopt niet bij de provinciegrens van Groningen: Drentse respondenten die aangeven woningschade te hebben door gaswinning, ervaren meer stressgerelateerde klachten en minder vertrouwen in de overheid dan respondenten zonder schade. Tegelijkertijd is hun veiligheidsgevoel in het afgelopen jaar iets toegenomen.

Publicaties

Brede Welvaart

Rapport Gaswinningsproblematiek: schade en psychosociale impact in Drenthe 2024-2025, Gronings Perspectief fase 4

Brede Welvaart

Publicatie Iedere stem gehoord: een verkennend onderzoek naar jonge nieuwe Drenten

Brede Welvaart

Feitenblad - Cultuurbeleving in de provincie Drenthe