Wonen
Woontevredenheid vormt een belangrijk aspect van de brede welvaart. Het gaat namelijk zowel om hoe als waar mensen wonen. De woning zelf is erg bepalend voor de kwaliteit van leven: denk daarbij bijvoorbeeld aan de betaalbaarheid en beschikbaarheid van (passende) woningen.
Naast de woning zelf is ook de woonomgeving van belang. De nabijheid van voorzieningen en de kwaliteit van de woonomgeving kan sterk verschillen tussen woonlocaties. Waar iemand woont, heeft ook invloed op andere onderdelen van brede welvaart. Denk bijvoorbeeld aan sociale cohesie in de buurt, veiligheidsbeleving en groen in de wijk.
Niet iedereen heeft dezelfde wensen en behoeften als het gaat om wonen. Bovendien veranderen deze wensen vaak in de loop van tijd. De woningmarkt is daarom ook een belangrijk onderdeel van het thema Wonen.
In het kort
- In Drenthe is de tevredenheid met de woning relatief hoog: 87% van de inwoners geeft aan tevreden te zijn met de huidige woning. Dit percentage ligt hoger dan in veel andere provincies.
- Drenten zijn over het algemeen tevreden over het groen in hun omgeving, maar minder over het onderhoud van fiets- en wandelpaden.
- De bereikbaarheid van voorzieningen varieert tussen gebieden en bevolkingsgroepen; in landelijke gebieden kan de afstand tot voorzieningen zoals supermarkten en huisartsen een uitdaging zijn voor mensen zonder auto.
- De woningmarkt in Drenthe staat onder druk. Stijgende huizenprijzen en lange wachttijden in de sociale huursector maken het moeilijk om geschikte huisvesting te vinden. Vooral de behoefte aan seniorenwoningen en eenpersoonswoningen neemt toe door de snelle vergrijzing.
Tevredenheid met woning stabiel
Drenten zijn over het algemeen erg tevreden met hun woning. Volgens de regionale Monitor Brede Welvaart van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is 87% van de Drenten in 2021 tevreden met de huidige woning. Het Drents Panel waardeert in 2024 de huidige woning of woonruimte gemiddeld met een 8,4.
Er zijn wel grote verschillen in de tevredenheid; zo zijn mensen in de leeftijdscategorie 18 tot en met 34 jaar een stuk minder tevreden (7,2). Het verschil in tevredenheid tussen jongvolwassenen en oudere leeftijdsgroepen wordt met de jaren groter. Kopers zijn over het algemeen tevredener (8,5) dan huurders (7,6). Tussen inkomensgroepen zien we ook verschillen, maar deze zijn minder groot. Mensen met een lager inkomen zijn over het algemeen iets minder tevreden over hun woning. De verschillen tussen Drentse gemeenten zijn vrij beperkt, met gemiddelden die variëren van 8,3 tot 8,6.
Stijgende tevredenheid kenmerken van de woning
Over een aantal kenmerken van de woning zijn Drenten de afgelopen jaren aanzienlijk tevredener geworden. We lichten vier kenmerken nader toe:
- Betaalbaarheid;
- Waardeontwikkeling;
- Energiezuinigheid;
- Mogelijkheid tot lang zelfstandig thuis wonen.
83% van de Drenten is in 2024 (zeer) tevreden over de betaalbaarheid van de woning. Dat is hoger dan eerdere jaren: in 2020 en 2022 gaf respectievelijk 74% en 73% aan (zeer) tevreden te zijn. Ook is bijna 9 op de 10 Drenten met een eigen woning in 2024 tevreden over de waardeontwikkeling, wat een enorme stijging is sinds 2018, toen iets minder dan de helft tevreden was. Drenten zijn daarnaast tevredener geworden met de energiezuinigheid van hun woning: meer dan twee op de drie mensen (69%) geeft aan zeer tevreden te zijn. Dat is aanzienlijk meer dan in eerdere jaren: tussen 2018 en 2022 was dit ongeveer de helft van de Drenten. Tot slot geeft 82% van de Drentse panelleden in 2024 aan tevreden te zijn met de mogelijkheden om in de woning langer zelfstandig thuis te kunnen blijven wonen. Dit aandeel steeg in de afgelopen zes jaar.
Tevredenheid over woonomgeving stabiel
Inwoners van Drenthe zijn over het algemeen heel tevreden met hun woonomgeving: dit geldt voor 87% van de Drenten. Dit is vergelijkbaar met eerdere jaren. Het Nederlandse gemiddelde ligt wat lager, namelijk 84%.
Uit onderzoek van het Drents Panel blijkt dat in 2024 Drenten vooral erg tevreden zijn met het groen in de leefomgeving, bijna 9 van de 10 Drenten is daar (helemaal) tevreden over. Over het onderhoud van fiets- en wandelpaden is 67% tevreden. Dit is een erg belangrijk onderdeel. Slecht onderhoud van fiets- en wandelpaden kan er namelijk voor zorgen dat mensen minder vaak voor een actieve vorm van transport (zoals fietsen of lopen) kiezen. Daarmee kan het niet alleen negatief zijn voor de tevredenheid met de woonomgeving, maar ook voor de gezondheid en het milieu. Over het onderhoud van plantsoenen en perken zijn Drenten ook wat minder tevreden; slechts iets meer dan de helft is (helemaal) tevreden. Parken en plantsoenen kunnen zorgen voor een groene aantrekkelijk omgeving, maar kunnen ook dienen als plekken voor ontmoeting, ontspanning en beweging.
Afstanden tot voorzieningen groter dan gemiddeld
De afstand tot voorzieningen en hoe makkelijk mensen zich kunnen verplaatsen – hun mobiliteit – bepalen samen hoe bereikbaar deze zijn.
In Drenthe zijn de afstanden naar voorzieningen vaak groter dan in andere delen van Nederland. Dit komt door het landelijke karakter van de provincie. Voor veel voorzieningen moeten mensen naar een ander dorp of een stad reizen. Toch beoordeelt het Drents Panel de bereikbaarheid van voor hen belangrijke voorzieningen gemiddeld met een 7,7. We zien hier echter grote verschillen tussen mensen. 10% geeft de bereikbaarheid een 10 en ervaart dus geen enkel probleem met het bereiken van belangrijke voorzieningen. Tegelijk geeft ook 13% van de Drenten een 6 of lager.
Er is dus ook een aanzienlijke groep die veel moeite ervaart om te komen op de plekken die voor hen belangrijk zijn. Vooral mensen die afhankelijk zijn van andere vervoersmiddelen, zoals de fiets of het openbaar vervoer, zullen een lagere bereikbaarheid ervaren. Daarom is het des te opvallender dat 21% van de leden van het Drents Panel die gebruikmaken van een bushalte of treinstation af en toe, of vaak, problemen ervaren qua de bereikbaarheid ervan. Openbaar vervoer kan een belangrijke voorziening zijn die mensen toegang geeft tot kansen zoals werk, opleiding en recreatie. Deze verschillen in bereikbaarheid dragen bij aan kansenongelijkheid.
Woningvoorraad neemt toe
In Drenthe staan in 2024 227.907 woningen. Het aantal woningen groeide sinds 2019 met 3,2%, behoorlijk minder dan het landelijk gemiddelde (5%). Drenthe is een relatief landelijke provincie, terwijl de groei in de woningvoorraad zich vooral in stedelijk gebied concentreert. Dat is ook terug te zien in de verschillen binnen de provincie; de groei is namelijk niet evenredig verdeeld over de gemeenten.
In de afgelopen vijf jaar vond de grootste groei plaats in de gemeenten Meppel (6,1%) en Assen (5,2%). De overige gemeenten zagen een lagere ontwikkeling in het aantal woningen. Alleen in Borger-Odoorn daalde het aantal woningen in deze periode licht (met 0,9%, oftewel 108 woningen). In Drenthe is het aandeel koopwoningen wel hoger dan gemiddeld in Nederland (66% tegen 57%). Het aandeel varieert van net boven het Nederlands gemiddelde in Meppel (58%) tot meer dan driekwart in Tynaarlo (77%).
Een hoog aandeel koophuizen kan de doorstroom op de woningmarkt beperken, omdat verhuizen over het algemeen voor kopers grotere kosten met zich meebrengt dan voor huurders. Doorstroom is vanwege de veranderende bevolkingssamenstelling (zie Bevolking) erg belangrijk.
WOZ-waarde stijgt
Het bezitten van een koopwoning is in Drenthe minder duur dan gemiddeld in Nederland. De WOZ-waarde in Drenthe (€ 307.000) ligt in 2024 gemiddeld aanzienlijk lager dan in Nederland (€ 379.000). Na een daling van de WOZ-waarde in de periode 2013-2016 stijgt deze sindsdien weer.
Er zijn binnen Drenthe grote verschillen. De gemiddelde WOZ-waarde ligt in Tynaarlo (€ 409.000), de gemeente met de hoogste WOZ-waarde, meer dan anderhalf keer zo hoog als in Emmen (€ 251.000). De stijging in WOZ-waarde was voor de provincie Drenthe in de afgelopen 10 jaar iets lager dan gemiddeld voor Nederland. De stijging was het grootst in Assen en Tynaarlo, rond de 75%. In Aa en Hunze, Coevorden, De Wolden, Meppel en Westerveld was de stijging het kleinst. Hoewel de WOZ-waardes in deze gemeenten het minst stijgen, is waardevermeerdering van ongeveer 50% nog steeds aanzienlijk.
Huurprijzen en woningtekort nemen toe
De woningmarkt in Drenthe staat onder druk. Dit uit zich onder andere in dat zowel kopen als huren duurder is geworden, waardoor mensen grotere financiële druk ervaren. Ook wordt het steeds moeilijker om een woning te vinden door oplopende wachttijden.
De huurprijzen in de provincie Drenthe liggen gemiddeld lager dan in meer stedelijke provincies, maar laten wel een stijging zien. Dit is mede het gevolg van een groeiende vraag naar huurwoningen, zowel in de sociale sector als in de middenhuur (boven de socialehuurgrens). De gemiddelde huurprijs in Drenthe bedraagt circa € 14,5 per m² voor middenhuurwoningen. In dichtbevolktere gemeenten zoals Assen en Emmen zijn de huurprijzen hoger, met gemiddelde prijzen van rond de € 17 per m². In landelijke gemeenten zoals Westerveld en Coevorden zijn de huurprijzen lager, rond de per € 12 m².
Huurders in de sociale sector betalen gemiddeld € 560 per maand, iets onder het landelijke gemiddelde. De vraag naar sociale huurwoningen in Drenthe is groot, wat kan leiden tot lange wachttijden. De provincie Drenthe kampt dus met een tekort aan huurwoningen, vooral in de sociale sector. Dit probleem treft met name starters, jonge gezinnen en senioren met een laag inkomen. De beperkte beschikbaarheid van middenhuurwoningen vormt daarnaast een uitdaging voor huishoudens die niet in aanmerking komen voor sociale huur, maar ook geen koopwoning kunnen betalen.
Beschikbaarheid passende woningen is een aandachtspunt
Drenthe kent een structureel tekort aan woningen, dat naar verwachting de komende jaren toeneemt. In 2025 is er naar schatting een tekort van 5.500 woningen. Naast dat er in het algemeen een tekort is aan woningen, sluit de woningvoorraad ook niet volledig aan op de veranderende woningvraag. Dit hangt sterk samen met demografische trends, zoals de vergrijzing en de afname van de gemiddelde huishoudgrootte (zie Bevolking). Er zullen daardoor bijvoorbeeld meer ouderenwoningen en eenpersoonswoningen nodig zijn.
Bij het ontwerpen van deze woningen moet niet alleen rekening worden gehouden met fysieke kenmerken, zoals gelijkvloersheid en toegankelijkheid, maar ook met de nabijheid van dagelijkse voorzieningen. In veel Drentse gemeenten is de afstand tot voorzieningen relatief groot, wat het zelfstandig wonen voor ouderen lastiger kan maken. Goede bereikbaarheid van dagelijkse voorzieningen is cruciaal om de kwaliteit van leven voor ouderen in stand te houden en de druk op de zorg te verminderen.
Ongelijkheid in het thema Wonen
Er bestaat structurele ongelijkheid binnen het thema Wonen. Ongelijkheid speelt een rol in vrijwel alle aspecten van wonen en specifiek op:
- De toegankelijkheid van de woningmarkt: De toegankelijkheid van de woningmarkt staat onder druk; dit geldt voor de markt voor koophuizen, de vrijesectorhuur en de sociale huur. Voor starters en mensen met een lager inkomen wordt het steeds moeilijker om een betaalbare koopwoning te vinden. Wachttijden voor sociale huurwoningen lopen op, terwijl dit voor veel huishoudens de enige betaalbare optie is. Het tekort aan en de hoge prijzen van middenhuurwoningen creëert bovendien een gat tussen de sociale sector en de koopmarkt, wat met name problematisch is voor middeninkomens.
- De gevolgen voor specifieke groepen: Met name jongeren kampen met hoge kosten en beperkte toegang tot zowel de koop- als huursector. De energiezuinigheid en betaalbaarheid van woningen wegen zwaar in hun woontevredenheid, waar ze vaak minder tevreden over zijn dan andere groepen. Huurders worden daardoor soms gedwongen te kiezen tussen hoge huurprijzen of verhuizen naar minder gewenste locaties. Naast directe gevolgen op hun tevredenheid over de leefomgeving kan dit ook gevolgen hebben op andere dimensies van brede welvaart doordat ze bijvoorbeeld verder weg wonen van familie of verder moeten reizen naar werk of studie.
- Mobiliteitsarmoede en bereikbaarheid: Mensen in landelijke gebieden die afhankelijk zijn van andere vervoersmiddelen dan de auto ondervinden grotere problemen met bereikbaarheid. Dit fenomeen, ook wel mobiliteitsarmoede genoemd, belemmert de toegang tot basisvoorzieningen zoals supermarkten en kan kansenongelijkheid veroorzaken. In landelijke gebieden zijn voorzieningen vaak verder weg en minder bereikbaar met openbaar vervoer. Daardoor bestaat er een grotere ongelijkheid in bereikbaarheid in deze gebieden. Meer mensen worden min of meer gedwongen een auto te hebben, wat negatieve gevolgen kan hebben op bijvoorbeeld de eigen financiële situatie, het milieu en de veiligheid.
Meer informatie en inzichten
Meer weten over het thema Wonen in de provincie Drenthe? Bekijk of download de Monitor Brede Welvaart Drenthe 2024 (PDF) voor meer informatie en inzichten, zoals bijvoorbeeld de uitdagingen met betrekking tot het versterken van de brede welvaart in Drenthe.
Verantwoording indicatoren
In de regionale Monitor Brede Welvaart van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) wordt het thema Wonen gemeten aan de hand van vijf indicatoren:
- Tevredenheid met woonomgeving;
- Tevredenheid met de woning;
- Afstand tot een sportterrein;
- Afstand tot een basisschool;
- Afstand tot een café.
In Drenthe vullen we deze indicatoren aan met de tevredenheid met kenmerken van de woning en de woonomgeving. Daarnaast kijken we ook naar ervaren bereikbaarheid en de moeite die mensen ervaren om voorzieningen te bereiken. We besteden ook aandacht aan de woningmarkt, door te kijken naar hoe de prijs en beschikbaarheid van woningen zich ontwikkelen.